Met het OER‑project Energiepark Volkeraksluizen onderzoeken Rijkswaterstaat, de gemeente Moerdijk, de provincie Noord‑Brabant en het Rijksvastgoedbedrijf hoe ze de bestaande windturbines kunnen vernieuwen. Daarnaast wordt bekeken hoe zonne‑energie, batterijen en de energievoorziening voor de eigen assets samen kunnen komen in één toekomstbestendig energiepark.
Bij de Volkeraksluizen, een van de grootste en belangrijkste sluizencomplexen van Nederland, ligt een unieke kans om op één plek verschillende vormen van duurzame energie te bundelen. De huidige elf windturbines zijn aan het einde van hun contractduur. Repowering is hier een logische stap: het vervangen van de oude turbines door moderne, krachtige exemplaren die aanzienlijk meer energie kunnen opwekken.
Waar nu een reeks relatief kleine turbines staat, zouden straks drie tot zes grote turbines komen, elk veel effectiever dan de huidige modellen. Daarmee kan het gebied jaarlijks minimaal 60 GWh duurzame elektriciteit produceren, genoeg voor zo’n 24.000 huishoudens. Er wordt onderzocht of een deel van die energie via een stroomafnamecontract geleverd kan worden aan ProRail, die de treinen in Nederland op termijn met groene stroom wil laten rijden.
Het project past naadloos in de Regionale Energie Strategie (RES), waarin gemeenten, provincies en waterschappen samenwerken aan de energiedoelen voor 2030. Op verzoek van de gemeente Moerdijk en de provincie Noord‑Brabant is het OER-project Energiepark Volkeraksluizen daarom in 2025 opgenomen in het OER‑programma. In dit programma wordt rijksgrond ingezet en voorbereid op het opwekken van duurzame energie. Op verzoek van de omgeving wordt extra rekening gehouden met het zicht vanuit de vestingstad Willemstad. Dat is een logische balans tussen energiedoelen en het beschermen van het historische landschap.
We onderzoeken hier bijna het hele spectrum van duurzame energieopwekking: wind, zon, batterijen, energie voor onze eigen assets, plus stroomafname voor ProRail. Dat zie je niet vaak op één locatie.
Bijzondere mix van elementen
Maar het project gaat verder dan het simpelweg vervangen van windturbines - en dat maakt het volgens projectleider Teun Lamers en omgevingsmanager Saskia Goes juist zo bijzonder.
Teun: ‘In de verkenningsfase onderzoeken we of er ruimte is voor zonne‑energie, zowel drijvende zonnepanelen als installaties op land. Daarnaast bekijken we hoe batterijen kunnen helpen om energie op te slaan en hoe een deel van de opgewekte stroom kan worden ingezet voor het eigen sluizencomplex, dat jaarlijks zo’n 1,4 GWh gebruikt. Een belangrijk onderdeel is ook het verkennen van een stroomafnamecontract voor ProRail.’
Die veelzijdigheid maakt het volgens Saskia een bijzonder OER‑project: ‘We onderzoeken hier bijna het hele spectrum van duurzame energieopwekking: wind, zon, batterijen, energie voor onze eigen assets, plus stroomafname voor ProRail. Dat zie je niet vaak op één locatie.’
Samen onderzoeken: van ruimte tot ecologie
De samenwerking tussen verschillende overheden en organisaties speelt een grote rol bij dit project. Dat die samenwerking zo goed verloopt, is volgens Teun allesbehalve vanzelfsprekend. Het gebied rondom Moerdijk is gevoelig, onder andere door de maatschappelijke discussies over woningen, havenactiviteiten en veranderingen in het landschap. Juist daarom is het volgens hem bewonderenswaardig hoe constructief de gesprekken verlopen: ‘In de stuurgroep is echt de houding: we gaan dit sámen doen. Ondanks alles wat er speelt, is er een enorme wil om hier een goed, gedragen project van te maken. Dat vind ik misschien wel het mooiste aan dit project.’
De verkenningsfase bestaat uit uitgebreid onderzoek naar milieu, ruimte en ecologie. De locatie ligt dichtbij beschermde natuur en kent een rijke biodiversiteit. Het projectteam kijkt daarom zorgvuldig naar effecten op vogels, vleermuizen en omliggende natuurgebieden zoals Natura 2000 en het Natuur Netwerk Brabant. Daarnaast wordt onderzoek gedaan naar hoe turbines en zonnepanelen passen in het landschap en wat de gevolgen zijn voor geluid, slagschaduw, veiligheid en radarsystemen van defensie en luchtvaart. Ook moet duidelijk worden wat er financieel en technisch haalbaar is.
In deze fase wordt ook helder welke overheid uiteindelijk het bevoegd gezag krijgt en beginnen de voorbereidingen voor een tender. Via zo’n tender wordt later een ontwikkelaar geselecteerd die de turbines en zonnepanelen daadwerkelijk gaat realiseren en exploiteren. Die zorgvuldige voorbereiding is volgens Teun noodzakelijk: ‘Je kunt van de markt niet verwachten dat ze dit zonder onderbouwde onderzoeken oppakken. Nieuwe turbines van deze schaal betekenen nieuwe vergunningen, nieuwe infrastructuur en complexe keuzes. OER helpt om dat professioneel en zorgvuldig voor te bereiden.’
Het is technisch uitdagend, maatschappelijk belangrijk en gedragen door partijen die er echt samen voor gaan. Dat maakt dit project niet alleen bijzonder, maar ook heel mooi om aan te werken.
Aandacht voor omgeving
Een belangrijk onderdeel van het proces is het betrekken van de omgeving. Omwonenden en ondernemers worden regelmatig geïnformeerd en uitgenodigd om mee te denken. Er is veel aandacht voor het ophalen van zorgen, wensen en ideeën. Bovendien wordt onderzocht hoe inwoners en lokale partijen financieel kunnen meeprofiteren, bijvoorbeeld via lokaal eigendom. De gemeente Moerdijk en de provincie hebben hier al ervaring mee, onder andere met het windenergieproject langs de A16. Dat zorgt voor waardevolle kennis in het huidige project.
Teun ziet in die brede mix van belangen, kansen en technische puzzels de grootste uitdaging: ‘Je wilt de locatie optimaal benutten voor duurzame energie. Tegelijk wil je dat de omgeving weet waar ze aan toe is en betrokken blijft. En dan is er nog de contractkant met ProRail. Die drie pijlers moeten uiteindelijk op een goede manier samenkomen. Dáár zit 'm de kunst.’
De komende periode worden alle onderzoeken verder uitgewerkt en de randvoorwaarden voor een toekomstig energiepark concreet gemaakt. Pas daarna wordt duidelijk wat exact mogelijk is en hoe het project eruit kan komen te zien. Toch is de energie en het enthousiasme binnen het projectteam al duidelijk zichtbaar. Zoals Teun het samenvat: ‘Het is technisch uitdagend, maatschappelijk belangrijk en gedragen door partijen die er echt samen voor gaan. Dat maakt dit project niet alleen bijzonder, maar ook heel mooi om aan te werken.’